Wat hebben een roedel wolven, Buurtzorg, voodoo en Cirkelstad gemeen?

Werkende principes voor transities: creëren van beweging

Vandaag de dag actueler dan ooit met de internationale bewegingen rondom Corona en Black Lives Matter en de demonstraties in Wit-Rusland. Corona zorgde er in ieder geval voor mij voor dat ik van de ene op de andere dag thuis kwam te werken. Niet meer van hot naar her rennen, van afspraak naar afspraak. En met diverse samenwerkingspartners is heel snel een digitale slag gemaakt. Bijvoorbeeld met CIRCO – creating business through circular design – die in de ‘intelligente’ Corona lockdown een digitale driedaagse track aanbood met behulp van de platformen Mural en Zoom. Zeker met de nodige uitdagingen, want wij mensen hebben nu eenmaal behoefte aan live contact en niet iedereen is even digitaal behendig. Maar door al langer een overtuiging te hebben gehad van de voordelen van online werken, heel snel een ijzersterk team weten neer te zetten, een pilot te draaien, door te ontwikkelen met lessen uit de pilot en vervolgens op te schalen en hierin trainers, partners en deelnemers stap voor stap mee te nemen, heeft dat goed uitgepakt. En werkt CIRCO nu effectief aan een blended versie, een optimale mix van beide werelden, fysiek en online. Ook in de brede samenleving hebben we gezien dat mensen zich in deze tijden heel snel hebben weten te organiseren in een beweging, denk aan #kraakdecrisis, #berenjacht, #JerusalemaDanceChallenge en #geendorhout.

Transitie betekent per definitie verandering. Je wilt van situatie A naar situatie B. En om die verandering teweeg te brengen, is het nodig dat mensen gaan bewegen. Dat gaat over het daadwerkelijk veranderen van gedrag en dan niet van maar enkele personen, het vraagt om een zichzelf vergrotende groep. Hoe ontstaat zo’n olievlekwerking? Hoe komen mensen van een idee tot uitvoering? Hoe komen die goede ideeën vervolgens ook tot opschaling? Dat het gaat stromen.

Laten we beginnen bij de vraag: Wat is dan eigenlijk een beweging? In transitiekunde wordt het dikwijls benoemd als (burger)initiatief van onderop. En uiteraard zijn er al (management)boeken vol over geschreven. Zo ken je vast het boek The Tipping Point van Malcolm Gladwell waarin hij beschrijft welke principes ten grondslag liggen om een idee als een epidemie te doen verspreiden. Wat blijkt? Er is meestal maar een klein zetje nodig om de bal aan het rollen te krijgen. Bijvoorbeeld het repareren van de ruit van een raam, doet volgens Gladwell de misdaadcijfers dalen. Of de TedX video How to start a movement van Derek Sivers over een man die begint te dansen en met behulp van een ‘first follower’ daarmee een beweging creëert. Mocht je deze toch nog gemist hebben, té grappig om deze video niet even te bekijken. En de innovatiecurve van Everett Rogers komt vast naar boven drijven. Hoe een idee van innovators uiteindelijk zelfs opgepakt kan worden door diegenen die in beginsel enorme weerstand bieden en het belang van ‘early adopters’ daarin.

Echter, in alles wat al circuleert, wat is nuttig om uit de kast te halen, even af te stoffen? Nog wat beter aandacht aan te besteden? Te voeden met frisse inzichten? Even weg van de begaande paden…

ZO WERKT HET IN DE NATUUR EN IN VOODOO
Hoe een roedel wolven de stroom van de rivier verandert

Na 70 jaar afwezig te zijn geweest, is de wolf midden jaren ’90 geherintroduceerd in het Yellowstone National Park. Met onvoorziene gevolgen. Van de top aan de voedselketen tot aan de geografie van het park aan toe. Het gedrag van rendieren veranderde met de komst van de wolven. Uit angst voor de wolf, gingen zij bepaalde plekken als valleien en oevers vermijden. Hierdoor nam de vegetatie op die plekken toe. De enorme groei in bomen trok op haar beurt vogels, konijnen en bevers aan. En bijvoorbeeld de dammen van de bevers zorgden weer voor een ideale leefomgeving voor reptielen en vissen. Bovendien zorgde de toegenomen vegetatie bij oevers voor minder erosie en werd de koers van de rivier stabieler. En dit is niet alles. De herintroductie van de wolf, heeft nog veel meer impact gehad op het ecosysteem. Bekijk deze ontroerende video daarover. Fantastisch hoe de natuur beweging in gang brengt – in alle haarvaten – en bewijst dat een kleine wijziging voor grote impact kan zorgen, het hele ecosysteem in positieve wijze aantast.

De zon schijnt door smeltend ijs

Dan voodoo. Bij dit woord hebben we wellicht een ongemakkelijk gevoel. Het heeft een duister imago. Voodoo heeft haar oorsprong in West-Afrika en is een animistische natuurreligie. Zij gaat ervan uit dat het universum een geheel is, dat alles om ons heen met elkaar verbonden is en alles gebeurt als een gevolg van iets anders. Wij als mens zijn slechts deeltjes van het grote geheel. Wat je een ander aan doet, doe je ook jezelf aan. Alles draait om de balans tussen goed en kwaad. Door het uitvoeren van rituelen kun je de omgeving – zelfs op verre afstand – beïnvloeden. Voodoo legt daarnaast andere causale verbanden dan wij in het Westen doen. Als de zon schijnt en je ijsje smelt, dan zien wij het gesmolten ijs als gevolg van (de warmte van) de zon. In voodoo kun je dat ook andersom zien. Door een ijsje te doen smelten, kun je ervoor zorgen dat de zon gaat schijnen.

Wat zegt voodoo ons nu over het creëren van een beweging? Kan een ‘speldenprik’ hier daadwerkelijk zorgen voor een verandering daar en een domino-effect teweeg brengen? Volgens corporate antropologen Jitske Kramer en Danielle Braun kunnen we – hoever voodoo ook van ons af lijkt te staan – hiervan diverse lessen leren voor het creëren van een beweging. Zoals het belang van peer-to-peer beïnvloeding. Net zoals voodoo een beweging is en van mens tot mens overgedragen en aangestoken wordt zonder centraal gezag. Het boek Building Tribes beschrijft dit mooi en is een echte aanrader.

DIT WERKT IN DE PRAKTIJK
Eerst buurten, dan zorgen

Onze zoektocht gaat verder, iets dichterbij huis. Organisaties die in de praktijk zorgen voor beweging. Neem het initiatief Buurtzorg. Initiatiefnemer Jos de Blok stond in 2006 op tegen bureaucratische thuiszorg en vormde deze organisatie in relatief korte tijd om tot een van grootste zorginstellingen van Nederland met ruim vijftienduizend werknemers en meer dan 400 miljoen euro omzet. Kwalitatieve zorg tegen een beetje minder kosten en met zeer tevreden medewerkers. De kracht van deze organisatie? Zo min mogelijk managen, menselijkheid en zelfsturende teams. Blok ziet zijn medewerkers als intrinsiek gemotiveerde professionals die zelf het beste weten hoe zij hun werk moeten doen. En deze beweging heeft er zelfs voor gezorgd dat zij in het ‘productenboek’ die in de zorg gehanteerd wordt, een eigen code ‘R002 – Buurtzorg’ hebben gekregen. Dit initiatief is opgepikt door Rutger Bregman in het boek De meeste mensen deugen. Hij noemt het een voorbeeld van een organisatie die vanuit leiderschap anders heeft durven organiseren buiten het systeem om en daarin door te volharden nu door het systeem wordt gerespecteerd. Dit verhaal is hier online terug te lezen.

Geen afval, geen uitval

Hoog tijd voor een eigen praktijkcasus, niet in een traditionele markt als de zorg, maar een die zeer jong te noemen is, de circulaire economie. Als spinner ben ik al enkele jaren betrokken bij Cirkelstad. Cirkelstad is hét platform voor koplopers in de circulaire en inclusieve bouwsector. In 2006 startten Roteb, Oranje, Den Boer beton en Woonbron het eerste Cirkelstadproject in Rotterdam. In de tien jaar die volgden groeide de beweging en werd deze actief in Amsterdam, Utrecht, Den Haag en de regio Drechtsteden. Nu zijn er inmiddels ruim 20 Cirkelsteden, met meer dan 200 aangesloten partijen en met meer dan 200 uiteenlopende projecten actief. En verdere groei wordt verwacht. Een van de concrete resultaten? Cirkelstad Veenendaal heeft – doordat een spinner de stoute schoenen aantrok – enkele jaren terug geprobeerd met partners een Integraal Kindcentrum (IKC) net na een aanbesteding ‘circulairder’ te maken, wat mislukte. Echter dat uitgebreide en diepgaande leerproces heeft hen na twee jaar een zogenaamde Rapic Circular Contracting (RCC) aanbesteding opgeleverd voor een volgend IKC. Vervolgens worden dergelijke lessen razendsnel verspreid over het land en opgepakt door het fijnmazige netwerk van Cirkelstad.

In de afgelopen jaren heb ik me meermaals afgevraagd, waarom werkt deze beweging, waarom heeft ze een aanzienlijke vlucht genomen? Nee, niet alles gaat goed, niet alles gaat even snel gezien de urgentie, niet alle beslissingen worden genomen in consensus – wat wellicht ook niet het doel zou moeten zijn – en er zijn nog vele uitdagingen te bewandelen. Maar er zijn een aantal zaken die ik als werkende principes ervaar. Zo is Cirkelstad een coöperatie waar iedereen zeggenschap heeft en kan bijdragen aan de missie. Iedere stad wordt geïnitieerd en gecoördineerd door een spinner die veel ruimte krijgt om dit naar eigen inzicht in te vullen met ‘couleur locale’. Een spinner is, net als andere aangesloten partijen, partner van Cirkelstad met dezelfde rechten en plichten. Cirkelstad groeit organisch van onderop; een lokale spinner staat op en trekt een aantal koplopers aan die vervolgens weer andere partijen in beweging brengen zoals opdrachtgevers en leveranciers. Partners kunnen alleen participeren, indien zij een praktijkcasus meenemen. In Cirkelstad is iedere partij uit de bouwketen vertegenwoordigd. Een spinner van Cirkelstad organiseert onder meer Communities of Practices, waar partners door praktijkervaringen te delen (zowel de mooie als de moeilijke, lelijke en uitdagende) samen ontwikkelen en sijpelen lessen verder door in het netwerk. Cirkelstad schaalt op door bouwprogramma’s. Het doel daarvan is circulair bouwen versneld de standaard maken met een duidelijke focus op projecten. En vanuit mijn persoonlijke ervaringen, voeg ik daar graag het belang van het opbouwen van persoonlijke relaties aan toe. De essentie hiervan? Het werkt, omdat er een visie is in duidelijke taal ‘geen afval, geen uitval’ en een aantal heldere kaders en uitgangspunten zijn neergezet. Vanuit die basis vindt er organische groei plaats door telkens in te springen op het hier en nu vanuit een specifieke, lokale context om het vervolgens te doen stromen in het Cirkelstad ecosysteem.

So far, so good. Maar hoe kan deze beweging gevoed worden door bijvoorbeeld voodoo? Wat zijn daaruit te gebruiken werkende principes?

Het liefdesverhaal van een boer, muurverf en meer…

Wat vooral opvalt in het voorbeeld van de wolven, is hoe het een doorwerkt in het volgende, en dat datgene weer doorwerkt in het volgende. Enzovoorts, enzovoorts. Ook al lijkt een actie in het begin wellicht nietszeggend, het kan heel wat teweegbrengen. Neem als voorbeeld, het ontwikkelen en op de markt brengen van biobased muurverf. De biobased verf wordt gemaakt van kleurstoffen van diverse planten die verbouwd worden door een agrariër. Deze agrariër is door het zien van de kansen in biobased ondernemen, volledig overgestapt van de intensieve melkveehouderij naar boerenbedrijf van natuurlijke bouwgrondstoffen. Met als gevolg minder stikstof, minder dierenleed, meer biodiversiteit, een vruchtbare bodem en een hogere opbrengst. De verpakking van de verf kon natuurlijk niet achterblijven en wordt tevens van een biobased materiaal geproduceerd. Dit heeft niet alleen wat teweeg gebracht bij de betreffende leverancier, maar ook bij andere partijen in de verpakkingsketen. Hetzelfde geldt voor de transportketen waar iets soortgelijks is gebeurd. En door gebruik van biobased verf in woningen en kantoren, is het binnenklimaat verbeterd. De positieve effecten op het voorkomen van zorg, zijn nog te vroeg om te benoemen, maar worden zeker verwacht. De woningcorporatie communiceert over het gebruik van dit product. En heeft zowel haar medewerkers als bewoners wat bewuster gemaakt van de voordelen van deze specifieke verf en duurzaamheid in brede zin. Tot slot, de startup van de biobased verf is in korte tijd gegroeid naar 28 medewerkers, waar mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt deel van uitmaken.

Je snapt het plaatje vast. Al zien we in het begin nog niet alle positieve effecten van ons handelen, en raken we onderweg dikwijls gefrustreerd, het een zet het ander in gang zoals een roedel wolven de stroom van de rivier verandert. Echter, niet alleen de motiverende effecten die hiervan uitgaan zijn van belang. Wat als je aan de start van een project de totaaleffecten probeert (beter) in beeld te brengen? Kan hierdoor een bredere beweging bij uiteenlopende stakeholders in gang gebracht worden? En is het dan effectiever om veel meer in en over ketens heen te gaan denken en opereren?

Hoe kan het voorbeeld van het causale verband vanuit de voodoo ons nader op weg helpen? Het welbekende ‘omdenken’. Voeren we de juiste beïnvloeding uit? Draaien we aan de juiste knoppen? Zoals iemand pas tegen me zei: “Een wethouder gaat pas lopen, als de burger daarom vraagt.” Zoals bovenstaand voorbeeld over de biobased verf wellicht aangeeft, zien we belangrijke partijen als de burger of de boer over het hoofd in het creëren van de benodigde beweging? En moeten we op andere of aanvullende argumenten inzetten als minder stokstof en beter binnenklimaat?

En Buurtzorg? Groots in het kleine en eigenlijk helemaal niet meer zo klein, verre van! Cirkelstad werkt net als Buurtzorg al met dergelijke zelforganiserende teams en dit wordt bij opschaling naar verwachting alleen nog maar belangrijker. Niet alleen meer voor de organisatie van de steden, maar denkend aan programma’s, thema’s en ketens. Gelukkig hebben we een ‘voorman’ die betrokkenen in hun kracht zet om een en ander zelf te organiseren. Met inspiratie vanuit Buurtzorg, kan Cirkelstad een (verdere) organisatie bouwen waarbij vakmensen – de mensen op de werkvloer – altijd gelijk hebben, met gebruik van duidelijke taal en het behoud van de Rotterdamse (of moeten we zeggen Almelose?) mentaliteit. Kom maar op!

DIT WERKT VOLGENS CHARLOTTE EXTERCATTE, AMBASSADORWISE

“Er is vaak maar een klein zetje nodig en dat zet in beweging. Die stelling uit het artikel onderschrijf ik van harte. Eveneens dat we beweging hard nodig hebben in de maatschappij. En dan de goede beweging, naar een duurzame, menselijkere economie en samenleving. Echter zijn we maar mondjesmaat in staat om dat te organiseren. Dat vermogen wordt ons simpelweg niet geleerd: niet in het onderwijs, niet in de talentenprogramma’s en ook in de beleidslijnen van overheden en andere kennisinstellingen is het een ondergesneeuwd perspectief. In essentie gaat transitie organiseren over dingen anders doen dan altijd gebeurde. 75% van een beoogde verandering is afhankelijk van de factor dat er collectief anders gehandeld wordt, dus collectieve gedragsverandering. 70% van de mensen wil dat ook graag, zeker als het gaat om bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke, zinvolle uitdagingen. Mensen die daaraan bijdragen zijn onder andere gemotiveerder, productiever, beter in staat samen te werken, creatiever en bereiken en enthousiasmeren anderen. Het organiseren van beweging is daarmee een ernstig onderbenutte kans om versneld de doelen te halen die we ons als maatschappij stelden als het gaat om bijvoorbeeld duurzame energie, hernieuwbare grondstoffen of gezondere mensen.”

Ambassadeurskracht

“In essentie gaat transitie organiseren dus over dingen anders doen dan altijd gebeurde. Wij hebben een patroon ontdekt in hoe beweging succesvol ontstaat. De auteur stelt dat er een ‘zetje’ nodig is om tot beweging te komen. Daar geloven we erg in. We noemen dat ambassadeurskracht. Een kleine minderheid, vaak 1% van een populatie, die een vernieuwing in gang zet en die dat zo aantrekkelijk doet, dat 10% van een populatie mee gaat doen. Dus stel je bent een organisatie van 10.000 mensen, dan probeer je niet alle 10.000 mensen mee te nemen in de transitie, maar werk je met 100 mensen aan beweging. Die beweging kent 4 randvoorwaarden en 6 slimme stappen en begint uiteindelijk gewoon bij 1 of 2 mensen die bereid zijn de kar te trekken. En die groep wordt gedreven door een gemeenschappelijke ambitie en een proactieve houding en ondernemende mindset, steeds groter. De kunst is dan niet om anderen te vertellen hoe het moet, maar ieder z’n bijdrage te laten leveren aan het oplossen van de uitdaging die de groep met elkaar deelt. Het is wel zaak dat iedereen de kans krijgt om mee te bouwen, zo voorkom je een elite waar het bij blijft. Het is een formule die niet lineair werkt, maar als het ware in sprints of golven komt: tijdelijke beweging is erg effectief merken we. Maar wel vanuit een voorstelbare visie op de lange termijn. Wat mij betreft heeft Buurtzorg gehandeld vanuit een duidelijke visie op het eindresultaat: Hoe willen zij zorg verlenen en zijn vanuit daar anders systemisch gaan handelen. Anders kijken, zoals voodoo dat ook impliceert. En beginnen aan de missie zonder precies te weten hoe het zou gaan lopen verderop ‘down the river’, zoals het voorbeeld van de wolven aangeeft. ”

De aanpak van AmbassadorsWise, staat hier beschreven: www.ambassadorwise.nl/aanpak (Veerkracht-formule).

SAMENVATTEND
Wat zijn werkende principes in het creëren van een beweging?
  • Begin met een open mind: Denk aan hoe een roedel wolven de stroom van de rivier verandert. Je impact zal groter zijn, dan je in beginsel kunt overzien.
  • Kijk naar het grote plaatje: Breng totaaleffecten van jouw initiatief in kaart om een grotere beweging op gang te brengen. Denk daarvoor in en over ketens heen.
  • Werk vanuit een voorstelbare inspirerende visie
  • Bevraag jezelf op je uitgangspunten: Draai het causale verband om. Is je vertrekpunt wel zo logisch?
  • Organiseer een context om jouw beweging te versterken. Denk aan het repareren van de ruiten van Gladwell en het weglaten van managers bij Buurtzorg.
  • Start met een kleine groep mensen die echt wil en help de groep zichzelf te vergroten

Comments are closed.